Tartuffe

2010 – TARTUFFE

Klik op de titels hieronder om de verschillende rubrieken te lezen.

Inhoud

Affiche

Tartuffe is een komedie van Frankrijk’s grootste toneelschrijver Jean-Baptiste Poquelin, beter bekend als Molière. Molière schreef Tartuffe in 1664 als een satirische aanklacht tegen de hypocrisie binnen bepaalde kerkelijke kringen.

De naïeve Orgon en zijn moeder Madame Pernelle zijn helemaal in de ban van de vrome Tartuffe, die eigenlijk een ordinaire oplichter is. Orgon schenkt Tartuffe zelfs zijn dochter Mariane ten huwelijk, zelfs al is die al verloofd met Valère.

Zijn zoon Damis jaagt hij het huis uit omdat hij Tartuffe er van beschuldigt Orgon’s vrouw, Elmire, te hebben verleid. De waarschuwingen van de meid Dorine en zijn schoonbroer Cléante slaat hij in de wind.

Uiteindelijk is er een list van Elmire nodig om Tartuffe te ontmaskeren en Orgon’s ogen te openen. Helaas, het is te laat. Tartuffe, die door Orgon als zijn enige erfgenaam is aangesteld, stuurt de deurwaarder op hem af. Als klap op de vuurpijl laat hij Orgon arresteren als verrader van de Koning.

Maar eind goed al goed, de Koning zelf grijpt in en laat het recht zegevieren! 

Auteur

Molière

Molière werd als Jean-Baptiste Poquelin geboren te Parijs op 15 januari 1622 en stierf er op 17 februari 1673. Als toneelschrijver en acteur verwierf hij vooral bekendheid met zijn satirische komedies. Zijn bekendste werken zijn: School voor vrouwen (L’École des femmes), Don Juan, Tartuffe, De misantroop (Le Mysanthrope), De burger-edelman (Le bourgeois-gentilhomme), De vrek (L’Avare), De ingebeelde zieke (Le malade imaginaire), …

Jean-Baptiste Poquelin was de oudste zoon van een welgestelde en invloedrijke behanger-stoffeerder. Na zijn studies bij de Jezuïeten werd hij licentiaat in de rechten in Orléans. In 1643 stichtte hij, gedreven door een onweerstaanbare roeping, samen met Madeleine Béjart en negen acteurs een toneelgezelschap l’Illustre Théâtre, en nam de naam Molière aan. Het gezelschap werkte evenwel zonder succes. Molière moest wegens schulden enige tijd in de gevangenis doorbrengen. Hij verliet in 1645 Parijs en reisde met geldelijke steun van zijn vader samen met zijn kameraden gedurende een twaalftal jaren door de provincie. Gevormd in de Commedia dell’Arte werd Molière langzaam bekend en begon hij ook zelf komedies te schrijven.

Op 24 oktober 1658 trad hij voor het eerst op voor de zonnekoning, Lodewijk XIV en zijn hof in het Louvre. In 1659 opende hij met Les Précieuses ridicules (De belachelijke precieuses) een reeks van dertig kluchten en blijspelen, die hem de gunst en bescherming van Lodewijk XIV bezorgden. De bijval was groot. Lodewijk XIV gaf in 1661 het gezelschap van Molière toestemming op te treden in zijn Palais Royal.

In 1662 huwde hij de twintig jaar jongere toneelspeelster Armande Béjart, wellicht niet de jongere zus maar wel de dochter van Madeleine en Molière zelf. In 1665 verkreeg de groep de naam Les comédiens du Roi. Molière werd daardoor bevorderd tot ceremoniemeester van alle koninklijke vermaken.

In zijn satirische komedies had Molière kritiek op edelen en geestelijken, die bevoorrecht leefden,  op hun sleur, hun blinde aanbidding van gezag, hun minachting van ervaring en waarneming. Hij richtte zijn kritiek ook op medici, schijngeleerden en de overdreven bewonderaars van wetenschap en kunst. Zijn stukken spreken aan omdat hij niet alleen de buitenkant maar ook de essentie laat zien. Hij weet de vinger te leggen op algemeen menselijke zere plekken. Daardoor zijn Molières stukken tijdloos.

Voortdurende strijd met verbeten tegenstrevers heeft Molière verbitterd en uitgeput. Daarbij leed hij aan een slepende longziekte. Hij overleed even na de vierde voorstelling van De ingebeelde zieke waarin hij zoals gewoonlijk de hoofdrol vertolkte. In dit toneelstuk wordt de spot gedreven met ziek zijn. Een goed recept tegen ziekte was onverdunde wijn met rundvlees en Hollandse kaas. Tijdens de opvoering werd Molière onwel. Hij werd naar huis gebracht en vroeg om Parmezaanse kaas, het enige dat hij nog kon eten. Het mocht niet meer baten.

Graftombe van Molière op Père-Lachaise, naast die van La Fontaine.

Dankzij de tussenkomst van de Koning kreeg hij een kerkelijke begrafenis. De lokale clerus ontzegde hem een begrafenis op gewijde grond, maar na bemiddeling van lokale notabelen werd hij begraven bij de ongedoopte kinderen. Later werd hij herbegraven op het kerkhof van Père-Lachaise.

Molière werd postuum lid van de Académie Française. In 1680, zeven jaar na zijn dood, werd bij decreet door Lodewijk XIV de Comédie Française opgericht waarvan Molière als wegbereider werd beschouwd. Op zijn borstbeeld in de erezaal van de Académie werd in  1778 volgende tekst aangebracht: “Rien ne manque à sa gloire, il manquait à la nôtre. (Niets ontbreekt aan zijn eer, hij ontbreekt aan de onze)

Regisseur

Francis Ringelé

Francis Ringelé is 60 jaar geleden geboren in Leuven. Hij is getrouwd met Mieke De Decker, vader van vier kinderen en opa van vier kleinkinderen. Sinds 1 december 2009 is hij met pensioen.

Theater neemt een belangrijke plek in zijn leven in. Tot voor kort was hij theaterprogrammator van 30CC, het Leuvens cultuurcentrum. In zijn vrije tijd is hij al dertig jaar actief in het amateurtoneel. Als acteur was hij aan de slag bij o.m. Toneel Heverlee, De Reynaertghesellen, Toneel Vier en De Dijlezonen.

Hij regisseerde De ingebeelde zieke (Molière) bij De Draaikolk in Veltem, De tramlijn die verlangen heet (Tenessee Williams) bij Hellespot in Kortenberg, Nonkel (Anton Tsjechov) bij het Buurttheater, Suddenly last Summer (Tenessee Williams), Veraf gelegen gebieden (Noël Coward), Les liaisons dangereuses (Christopher Hampton), Ghetto (Joshua Sobol), De kreupele van Inishmaan (Martin McDonagh) en All my sons (Arthur Miller) bij Toneel Heverlee, waar hij ook actief lid is. Ghetto regisseerde hij voor de tweede maal bij Theater Barbara in Aalst. Met Tartuffe is hij aan zijn tweede Molière toe.

Teams

De actrices en acteurs

Klik op een foto om ze te vergroten.

 

De medewerkers

 

Galerij

Meer...

Data

2009-2010 was ons 51e speeljaar.

De voorstellingen gingen door op

  • vrijdag 29 januari, 20u
  • zaterdag 30 januari, 20u
  • zondag 31 januari, 15u
  • vrijdag 5 februari, 20u
  • zaterdag 6 februari, 20u

Parochiezaal Bovenlo
Heidebergstraat 268
3010 Kessel-Lo (Leuven)

Leuvense toneelprijzen

De jury van de Leuvense Toneelprijzen apprecieerde onze productie en nomineerde  Marijke Bollen voor het Fiere Margrietjuweel voor haar vertolking van de meid Dorine.

Klik voor het algemeen juryverslag op deze link: Algemeen Juryverslag en voor het verslag van de nominaties op deze link: Fiere Margriet juweel.